Ga naar de inhoud

Paardenbloem

Mijmerend lig ik in het lange gras.
Ik denk aan wie ik was,
Voordat ik jou verloor,
En mijn wereld helemaal bevroor.
In de verte hoor ik bijengezoem.
Langs mij zie ik een paardenbloem.
Een metamorfose is dichtbij.
Ook al vullen angsten mij.
Zullen ze ooit uit m’n gedachten verdwijnen?
Zal de zon ooit het juiste pad beschijnen?
Zal ik ooit een doorbraak kennen?
Of blijf ik van de waarheid rennen?
Dit is het lot wat mij is toebedeeld.
Dan vraag ik aan mijn spiegelbeeld,
Wanneer voel ik me weer mens?
Op papier schrijf ik mijn wens.
Een briefje met een keurig vouwtje
Door mijn vingers glijdt een touwtje.
Een ballon eraan geknoopt.
En een boodschap die op antwoord hoopt. Helemaal tot aan de maan.
Voor altijd van ons heengegaan.